Common Ground: meer dan een modewoord

Geschreven door William van Grieken op 18-09-2018


AVG, Lean, Digitalisering, Datagedreven sturen, blockchain, selfservice BI, open Data en zo kan ik nog wel even doorgaan met allerlei ontwikkelingen en fenomenen binnen gemeentelijke organisaties en daar buiten.

Een nieuwe ‘ster’ aan het firmament is het initiatief Common Ground geheten. Ik vertel u er graag iets meer over gevoed door het enthousiaste verhaal van een bekende InnoviQ relatie / -klant werkzaam binnen de gemeente Utrecht.

Naast onze werkzaamheden bij de klant hebben wij binnen InnoviQ met vaste regelmaat kantoordagen met het gehele team, waarbij aandacht besteed wordt aan intervisie, ontwikkeling en opleiding. Dit wisselen we regelmatig af met interessante bijeenkomsten, zo ook met gastsprekers, waarmee we zowel het team als het individu willen versterken. Maar dit terzijde.

Common Ground in het kort
Common Ground is om te beginnen niet bepaald een kleine ontwikkeling. Het idee is om de ICT infrastructuur van gemeenten drastisch te wijzigen, door niet meer te denken in silo’s cq. domeinen waarbinnen gegevens worden vastgelegd in onderliggende systemen. Centraal moet staan het goed en eenvoudig kunnen uitwisselen van gegevens zonder complexe en dure koppelingen. Common Ground houdt daarbij geen rekening met de bestaande situatie oftewel met datgene wat er nu is. Het wordt gezien als dé (enige) manier om gemeenten 100% digitaal te ontwikkelen in plaats van het digitaliseren van “papier processen” zoals nu nog gebeurd op de meeste plekken.

Common Ground biedt gemeenten de mogelijkheid haar dienstverlening en bedrijfsvoering ingrijpend te vernieuwen vanuit de basis: de gegevenslaag. Het is een ontwerp en tevens een set aan afspraken, waarin onder meer gegevens worden losgekoppeld van de applicaties. Voor dit ontwerp wordt gebruikt van het zogeheten vijflagenmodel. De onderste laag zijn de data en gegevens in onder meer de basisregistraties. De laag erboven is een servicelaag die de data uit de bronsystemen levert aan de laag daarboven: de (gemeentelijke) applicaties. De twee bovenste lagen gaan over de processen en de gebruikers van de ICT-infrastructuur: te weten de medewerkers en de burgers zelf.

Common Ground wijkt af van de traditionele top-down benadering van het eerst uniformeren op procesniveau. Er wordt juist van onderaf, vanuit een meer informatiekundige invalshoek, gekeken naar het vraagstuk. Het is daarmee zaak deze technische laag te uniformeren. Naast het verbeteren van de dienstverlening biedt Common Ground het perspectief om informatieveiligheid en bescherming van de privacy te verbeteren.

Het ontsluiten van data wordt gedaan via een ‘API Gateway’. De API is een stukje software dat het mogelijk maakt functionaliteit en informatie uit een onderliggend systeem in een groter verband te gebruiken. Gegevens binnen een gemeente worden dus niet langer gekopieerd naar andere systemen maar ontsloten en gemuteerd bij de bron. Dit geldt zowel lokaal binnen een gemeente als voor gebruik door andere (geautoriseerde) partijen in de keten.

Een eenvoudig voorbeeld wat ik aantrof op het internet hoe zoiets kan werken in de praktijk. Voor de aanvraag van een parkeervergunning moet worden bepaald in welke wijk iemand woont. Vanuit het proces wordt een geoservice gebruikt. Deze service bepaald aan de hand van een postcode en huisnummer in welke parkeergebied een adres ligt. Op basis hiervan kan worden bepaald of de aanvraag passend is. Het (publiekelijke) beschikbaar stellen en combineren van API’s kan derhalve bijdragen aan meer en nieuwe innovaties. Dit laatste is in de commerciële markt al een tijdje gemeengoed, kijkend naar de Google’s, Amazon’s, Uber’s en Airbnb’s van deze wereld.

….. en de weg er naar toe
De migratie naar een nieuw informatievoorzieningslandschap is bepaald geen sinecure als je kijkt naar hoe een gemiddelde gemeente is georganiseerd. Het ontvlechten en opnieuw opbouwen is een grote organisatorische verandering voor zowel de gemeente zelf, maar ook de leveranciers (die hun software op dit nieuwe ontwerp moeten aanpassen). Mede op basis van de presentatie laveer ik tussen meer enthousiasme, maar ook de nodige scepsis. Laat ik positief beginnen.

  • Het is goed om buiten de bestaande paden te denken en kritisch te zijn op de manier waarop de zaken nu gaan. Veel ICT projecten binnen de overheid zijn tijdrovend, kosten veel geld en zijn zeker niet altijd succesvol. Het op een traditionele manier aanbesteden en implementeren van ICT gaat vaak gepaard met vervelende vendor lock-ins waar steeds meer gemeenten genoeg van krijgen. Common Ground predikt open source en het delen en hergebruiken van reeds ontwikkelde componenten tussen gemeenten.
  • Common Ground past uitstekend bij de toenemende aandacht voor Agile ontwikkelen. Zoals zo vaak zie je een tendens die al langer bestaat in de commerciële wereld en overwaait naar de overheid. De overheid wil ook permanent bèta zijn zoals dat zo mooi heet. Ofwel iteratief werken, experimenteren en fouten zien als opmaat tot een volgende release.
  • Een big bang invoering is niet nodig in deze filosofie. Iedere gemeente kan stappen zetten op het moment dat zij er aan toe is om deze stap te maken.
  • Mijn beeld was dat het hier slechts om een theoretisch model gaat, waar toevallig een aantal voorloopgemeenten in geïnteresseerd is. Dit beeld is behoorlijk bijgesteld. In een Proof of Concept wordt het mechanisme van Common Ground gebouwd in de Gemeente Haarlem: de laag tussen de data en de applicaties. De oplossing bevindt zich as-we-speak in een testbare fase.
Vanwaar dan de scepsis?
Zit de maatschappij wel te wachten op een permanent bèta digitale overheid? En is de overheid daar überhaupt op toegerust? Als ik kijk naar de kleinere gemeenten dan kan ik mij goed voorstellen dat Common Ground een ver van hun bed show is. Een ontwikkeling die qua benodigde kennis en kunde lastig te begrijpen zal zijn, laat staan om te realiseren. Het kan en zal in mijn ogen nooit een generiek concept zijn om door te voeren door alle 380 gemeenten in ons land. 

Bovendien is het m.i. te eenvoudig om te stellen dat wat al jaren gangbaar is in de commerciële wereld, ook een op een moet passen in de overheidswereld. Er heerst een andere dynamiek tussen beide werelden met simpelweg ook andere verwachtingen van burgers en bedrijven. Lees: een maatschappij die van de overheid verwacht dat zij voorspelbaar is en handelt volgens helder vastgestelde processen en eenduidige wetgeving.

Het volgen van nieuw ontwerp, het maken van en houden aan gemaakte afspraken over standaarden (zoals de beoogde vervanging van StUF door API) vraagt in ons polderklimaat om dwingende afspraken en desnoods om sancties als hier van wordt geweken. Anders blijft het dweilen met de kraan open.
 
Dat een dergelijke radicale verandering kan, is bewezen door Estland. X-Road is een mooi voorbeeld van hoe de publieke sector in Estland met een minimum aan ambtenaren haar burgers en ondernemers maximaal digitaal ondersteunt.

Voor eventueel meer informatie zie bijgaande link of google even op Common Ground voor inmiddels een schat aan informatie. Op het Congres Overheid 360° op 10 oktober aanstaande zal het vraagstuk ook aan de orde komen door een van de mede-initiatiefnemers. Tot slot van deze blog nog een filmpje waarin op heldere wijze uitleg wordt gegeven aan Common Ground. Soms zeggen beelden immers meer dan woorden….
 

Labels: innoviq, bimodal bimodal bi