Gemeenten: kunnen we al kantelen?

Geschreven door Martin Ravenstijn op 11-09-2015


Het is de hoofddoelstelling van de 3 Decentralisaties: door te decentraliseren worden gemeenten als regisseur in staat gesteld beter, eerder en meer lokaal invloed uit te oefenen op de zorg- en begeleidingsbehoefte van burgers. Dat dient in de rijksplannen te leiden tot betere zorg voor minder maatschappelijk geld.

Gemeenten duiken logischerwijs op dat laatste; veel van de bezuinigen zijn immers al met de budgettoedelingen ingeboekt . In alle gemeentelijke beleidsplannen staat daarom het bevorderen van zelfredzaamheid en stimuleren van eigen kracht met stip op 1.

Het benodigde instrumentarium dient hier vanzelfsprekend op aan te sluiten maar ontbreekt nog te vaak.  Er wordt vanzelfsprekend waar mogelijk verwezen naar voorliggende voorzieningen om maatwerktrajecten zo veel mogelijk te vermijden. Ook het inzetten van bestaand producten- en dienstenaanbod lukt vaak prima.

Domino

Echter: fundamenteel inzetten op het verbeteren en verruimen van de voorliggende voorzieningen, waarbij de gemeente haar lokale invloed aanwendt, om het maatschappelijk en zorgstelsel regionaal naar een hoger plan te tillen, blijft vaak uit. Dit vereist meer intergemeentelijke samenwerking dan ooit te voren; ook als je niet fuseert of in meer vaste samenwerkingsverbanden aan het Sociaal Domein vormgeeft.

De product-georiënteerde aanpak en afrekening van de zorg (voorkomend uit de eigen WMO- en participatietrajecten en aan de gemeenten overgedragen AWBZ en Jeugdzorg per januari dit jaar) vormt daarin een belemmering. Veel gemeenten willen uiteindelijk toe naar een situatie van meer resultaatgerichte zorgaanpak en –afrekening, maar zitten met een volle bak aan dossiers die product-georiënteerd zijn aangegaan.

Dus als je kijkt naar waar we nu staan zijn we hard aan de slag de boel in stand te houden en niet aan het transformeren. Er wordt bij gemeenten gezorgd dat überhaupt zorg tijdig verleend kan worden en er voldoende grip bestaat op de kosten. Fundamentele kwaliteitsverbetering, ketensamenwerking en lokale stelselverbeteringen sneeuwen onder.

Terwijl de beleidsmakers voorgaande natuurlijk sterk ambiëren, groeien beleid en bedrijfsvoering steeds verder uit elkaar. Aan de bedrijfsvoering wordt immers gevraagd zich op traditionele wijze te verantwoorden, terwijl er nog volop rook uit de puinhopen komt. Beleidsmakers zijn zich reeds druk aan het oriënteren op regionale inkoop van de zorg voor de komende jaren, waarbij vaak ingezet wordt op vernieuwde contractvormen.

Waar dikwijls toevlucht wordt gezocht in techniek is die nu een blok aan het been. Veel gemeenten zijn al maanden bezig de iWMO en iJW in de eigen systemen te implementeren en aan te sluiten op het Landelijke Gegevens Knooppunt. Het aantal succesvolle in-productie-namen zijn schaars. Dit levert een technische ratrace op om softwareversies te installeren en te testen, waarbij functionele implementaties kind van de rekening zijn. Onevenredig veel inspanningen voor te weinig verbetering.

Dit terwijl de iWMO en iJW 2.0 met fundamentele wijzigingen eraan komen. Toch is de ambitie van dit berichtenverkeer 2.0 zeker niet verkeerd. Binnen deze versie ontstaat immers concrete ruimte om andere wijzen van zorginkoop en –afrekening aan te gaan en met dit berichtenverkeer af te wikkelen. Een essentiële wijziging voor gemeenten die daadwerkelijk de ambitie hebben te transformeren.

Als je daar als gemeente echter niet aan toe bent, is het de zoveelste opstapeling van wijzigingen waar je niet op zit te wachten. De compatibiliteit tussen genoemde versies roept bijvoorbeeld veel vragen op (maar daarover in een later stuk meer). Dat doet twijfelen of de investeringen die gedaan zijn op de 1.0-versies wel terecht waren. Een duurzame live-gang met deze versies is immers niet meer te verwachten.

Maar voor direct overstappen naar berichtenverkeer 2.0 in 2016 is de weg nog niet geplaveid. Er zijn grote parallellen te trekken met de hectiek van vorig najaar toen bekend werd dat de 3D echt door zou gaan. Dit jaar zien wij dat niet anders: late onduidelijke aankondigingen waar niemand klaar voor is of kan zijn. De gemeentelijke afhankelijkheid van softwareleveranciers is hierbij enorm. Dat maakt de negatieve pers over diverse gemeenten extra schrijnend.

Tussen de gegeven mogelijkheden en beperkingen begeleiden we gemeenten bij 3D-plateau-denken. Met een realistische kijk helpen we gemeenten een route uit te stippelen waarmee gefaseerd naar de eigen ambitie kan worden toegewerkt. Soms is dat constructief dagdromen om de 3D-ambities van onze klanten waar te maken. Iets wat we overigens gratis en met liefde doen. Dit jaar is dat meestal hard poetsen om een minimale basis voor de beoogde transformatie te creëren. Beiden uitdagend, vooruitlopend op de situatie waarin we echt kunnen gaan kantelen.


Labels: innoviq, 3d, adviseurs, beheer, black belt, business modellen, decentralisatie, dienstverlening, gemeenten, informatiemanagement, innoviq, procesmanagement, sociaal domein, strategie, transformatie